Kyoto, als ‘culturele hoofdstad’ van Japan, stikt van de toeristen. Maar gek genoeg verspreiden die toeristen zich wel heel plaatselijk. De ene tempel is stikdruk, de andere tempel (die ernaast ligt) lijkt bijna uitgestorven. Dat terwijl ze beide even mooi zijn. En ook qua toegangsprijs zijn de tempels gelijkwaardig. Vandaag bezoeken we het Higashiyama District. Via internet heb ik wat tips opgezocht om de toeristische mensenmassa te omzeilen en juist de meer verborgen ‘secret spots’ op te zoeken.

We beginnen in het noorden van Hagashiyama met de Silver Pavilion. Qua structuur lijkt het gebouw bijna op het Golden Pavilion dat we gisteren hebben bezocht. Alleen in tegenstelling tot de Golden Pavilion is deze tempel gewoon wit (niet bekleed met zilver zoals de naam doet vermoeden). Dat maakt de tempel helaas wel minder bijzonder, maar daarmee ook een stukje minder toeristisch.

We volgen het Philosopher’s Path: een wandelpad door het Hagashiyama district, langs een kanaal. In de lente staat het hier vol met kersenbloesems, maar ook in de herfstkleuren is het prachtig om het Philosopher’s Path te bewandelen. Vanuit dit pad klim ik omhoog naar de gratis-te-bezoeken Honen-in Tempel. De met mos-gemaskeerde toegangspoort heeft een wat sprookjesachtige uitstraling. Op het terrein van de tempel liggen twee zandsculpturen: zandhopen waarin patronen zijn geharkt. Buiten de tempel zijn een soort langwerpige kristallen stenen te bezoeken en even verderop ligt een bijzondere begraafplaats waar houten stokjes uit de graven omhoog steken als een soort verentooi.

Ik loop verder over het Philosopher’s Path. Bij een stenen brug over het kanaal zit een man. Met bladeren en bloemen heeft hij kleine bootjes geknutseld. Hij spoort toeristen aan om een bootje te pakken en het in het water te gooien. Een andere man even verderop speelt op een steel drum. Er hangt een gemoedelijke en creatieve sfeer in dit deel van Kyoto. De volgende tempel die ik bezoek is de Nanzenji Temple. Wat vooral erg indrukwekkend is aan deze tempel is het stenen aquaduct bij de ingang van de tempel.

Het Philosopher’s Path loopt ten einde. Ik kom uit bij de Keage Incline, een voormalige boothelling, waarin schepen door een kanaal over rails omhoog getrokken werden. Vooral het uitzicht is hier mooi, het voormalige, nu met groen bedekte kanaal dat uitmondt in een betonnen bak die nu dienst doet als vijver. Na de lunch loop ik naar het zuidelijk deel van Higashiyama.

Hier bezoek ik misschien wel de mooiste tempel van mijn Japan-reis. De Shoren-in tempel is vooral bijzonder door de interactie van de tempel met de omliggende tuin. Op de ‘veranda’ van de tempel geniet ik van het uitzicht. Daarna loop ik een wandeling door de tuin. Zoals wel bij meer vijvers in de Japanse tuinen, stikt het ook hier van de Koi karpers.

Het wordt al snel donker. Maar ik besluit toch nog een paar kleinere tempels te bezoeken (nu kan het immers nog!). Helaas is de batterij van mijn telefoon leeg, dus op een paar foto’s met mijn iPad na, heb ik hier niet meer veel foto’s van kunnen maken. De Entoku-in is een stelsel van gangen en trappen die uitmondt in een kleine zen-tuin. In deze tempel kun je ook je eigen zen-tuintje maken in een soort mini-zandbak met kiezelstenen en een speelgoed-hark. Het ‘Ryozen Kannon’, is een gedenkmonument van de Tweede Wereldoorlog. Helaas is het al gesloten als ik aan kom (sommige tempels/tuinen gaan al om 4 uur dicht), maar toch lukt het mij nog om met mijn iPad een foto te maken vanaf de parkeerplaats van (de bovenkant van) het enorme onoverdekte Buddha beeld.

Die avond eten we met de hele groep onze laatste Japanse maaltijd. Omdat ik nog een behoorlijke hoeveelheid yens over heb, besluit ik om wat minder zuinig aan te doen. De maaltijd is een soort stoofpot, waarin, voor onze neus vlees wordt klaar gemaakt. Hier bedanken we ook de reisleidster voor het op zich nemen van de reisorganisatie en we wisselen de laatste reisverhalen en reisfoto’s met elkaar uit. We keren terug naar het hotel, voor de laatste overnachting van de Japan-reis.